Een dominee

 

Een dominee, mensen, dat is een man

van wie men alles verlangen kan.

Hij moet kunnen zwijgen, overal,

maar ook weer praten als een waterval.

Vergaderingen leiden vroeg of laat en geestelijk blijven bij 't zotste gepraat,

bezoeken brengen aan groot en klein

en steeds voor iedereen te spreken zijn.

Een ieder behoort hij de waarheid te zeggen

maar mij geen strootje in de weg te leggen.

Familiair mag hij niet wezen

"dominee" moet op zijn gezicht staan te lezen.

Een man van karakter, dat eist onze tijd

maar... wij houden niet van eentonigheid,

dus brenge hij om de twee-drie weken

weer geheel andere, pakkende preken.

Diep moet hij graven, maar niet te geleerd zijn,

dan zou hij weer niet door allen begeerd zijn.

Het heil aller zielen is hem opgedragen,

maar naar zijn ziel hoeft niemand te vragen.

Zo staat hij als wrijfplaats in 't moeilijke midden,

maar wie blijft er altijd voor hem bidden?

 

Een gedicht van J.H. Gunning (1858-1940) uit: "De mooiste gedichten van vroeger"